2. Inleiding 6. Pastoraat
3. Theologisch Vertrekpunt en Motivatie 7. Kerkrentmeesters
4. Opdracht voor het beleidsplan 8. Diaconaat
5. Structuur van de gemeente 9. Ten slotte


2.INLEIDING
Anno 2014 trekt de gemeente Zuiderkogge voort in het spoor van de lijnen zoals geschetst in het beleidsplan van 2007. Wezenlijk is er niets veranderd sinds het vorige beleidsplan, niet qua uitgangspunten, niet qua samenstelling van onze gemeente, al zijn een aantal dierbaren ons ontvallen.

Toch mogen wij als kleine gemeente ons verheugen: het is ons gelukt om met de weinige middelen en menskracht die ons ter beschikking staan om het een en ander voor elkaar te krijgen.

Zo zijn er de afgelopen jaren goede 'momenten geweest': ik denk dan aan de reguliere zondagse diensten die trouw bezocht worden. Daarnaast mogen we denken aan doopdiensten, een trouwerij, en gek genoeg ook aan gedachtenisdiensten waar velen vanuit onze dorpen en van ver weg bij aanwezig waren. Ook waren er de optredens van koren tijdens de hoogtijdagen, de leerhuizen, de bijbel groep, 'koken voor ouderen', een aantal bijeenkomsten over euthanasie.

Ook vonden er groot huis bezoeken plaats die bezocht werden door ons bekenden en tot onze verrassing ook 'nieuwe gezichten'. Een maal per jaar vond en vindt er het 'grote gesprek' plaats waar telkens een theoloog, kerkvader, van naam ter sprake werd gebracht.

Zo hebben allerlei activiteiten zich voorgedaan, voor de mensen die deel uitmaken van onze gemeente of die via kerkelijke verbanden of via contacten met ons als gemeente in aanraking kwamen. Het is nooit genoeg en we leren ervan om in de toekomst 'onze mensen' in hun behoeften te voorzien. De oecumenische contacten met de Lukas parochie zijn er en de contacten met de protestantse buren zijn er ook.

Ook is het gelukt om af en toe een brug te slaan naar mensen die woonachtig zijn in onze dorpen maar geen lid zijn of dat zelfs niet willen of kunnen zijn. Zo werden en worden er mensen die zich 'buitenkerkelijk' achten bezocht door diakenen, ouderlingen, gemeenteleden en predikant.

Ook hebben we een activiteit ontwikkeld als 'film in de kroeg'. Naast de locatie Venhuizen zijn er ook films vertoond in Schellinkhout en het leverde goede gesprekken op met bekenden en met onbekenden. Velen in de dorpen hebben er weet van, zoals ook de diaconie gekend wordt en door de mensen in de dorpen gewaardeerd wordt.

Het zal een uitdaging zijn om in de toekomst ideeën te ontwikkelen die enerzijds de ons bekende mensen aanspreken maar anderzijds ook de mensen in onze dorpen die onbekend zijn met ons. Een uitdaging voor de komende jaren.

Tenslotte, ten tijde dat ik dit schrijf is het nu een gegeven dat de kerk Schellinkhout niet meer 'de onze' is. Toch hebben we vertrouwen dat de Heer zijn mensen waar ook niet los laat. Wij blijven dan ook als kerkelijke gemeente ons melden in de dorpen, ook in de toekomst. Het beleidsplan geeft weer hoe pastoraat, diaconaat, apostolaat, kerkvoogdij de afgelopen jaren hebben gewerkt en welke visie zij hebben op de toekomst. Zo gaan wij als gemeente de toekomst hoopvol tegemoet.

3.THEOLOGISCH VERTREKPUNT EN MOTIVATIE
De God die zich openbaart in Eerste Testament (Tenach) en in het Tweede Testament (met de Geschriften van Paulus en de Synoptische Evangeliën en Evangelie van Johannes) roept zijn kerkelijke Gemeente bijeen. Het is zijn gemeente. Het is de God van Israël die zich openbaart door zijn spreken, een spreken dat altijd heilzame daden insluit ten behoeve van mensen. Dezelfde God roept altijd weer mensen in zijn dienst. Dat begon bij Abraham (Eerste Testament) tot aan Jezus Leerlingen (Apostelen) aan toe in het Tweede Testament. Jezus de Zoon van de mensen, Jezus de Christus, nam op zijn beurt zelf mensen in zijn dienst zoals in het Eerste Testament de God van Israël dat deed. In Jezus is die God ten bate van ons een van ons geworden. Met Pinksteren is de heilige Geest op zijn eerste gemeente gelegd na zijn dood en Opstanding waaruit de latere kerk is ontstaan.

In het geloof aan die God en aan zijn eigen afdruk in de Christus en in geloof dat de heilige Geest er ook voor ons is kunnen en mogen wij kerkelijke gemeente zijn. Wij mogen ons op onze beurt ons geroepen weten om onze gemeente gestalte te geven. Daarin mogen alle gemeenteleden delen, actief en minder actief, met verschillende geloofsovertuigingen van vrijzinnig tot orthodox.

Vanuit die gemeenteleden zijn er echter leden aangewezen om het beleid gestalte te geven. Dat zijn diegenen die de ambten bedienen: leden van de kerkenraad met de ambten die daar deel van uitmaken zoals omschreven in de kerkorde. Zij zijn primair verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleidsplan zoals dat hier omschreven wordt, daartoe vrijgestelde gemeenteleden.

Geroepen door de God van de Schriften ten dienste van de kerkelijke gemeente en ten behoeve van opbouw van de wereld.

4.OPDRACHT VOOR HET BELEIDSPLAN
Dit document vormt het beleidsplan voor de Protestantse Gemeente Zuiderkogge. De gemeente Zuiderkogge omvat de dorpen Schellinkhout, Wijdenes, Oosterleek, Hem en Venhuizen, binnen de burgerlijke gemeente Drechterland. In 2008 is de oorspronkelijke hervormde gemeente officieel een ‘protestantse’ gemeente geworden binnen de PKN. Dit beleidsplan moet voldoen aan de volgende uitgangspunten:

1.Het dient een beknopt en overzichtelijk geschreven plan te worden.

Het doel is niet om een prachtig lijvig boekwerk te presenteren, maar om als gemeente duidelijk te maken wat de Bron is van waaruit we werken. En vooral ook om aan te geven waar wij als gemeente onze prioriteiten willen leggen.

2.Het beleidsplan moet goed hanteerbaar zijn.

Samenhangend met het eerste uitgangspunt is het niet genoeg om de doelstellingen te omschrijven, maar tevens moet het zo praktisch zijn ingericht dat er gemakkelijk mee te werken is. Het moet toegankelijk zijn als naslagwerk en gemakkelijk voor de kerkenraad om de ingeslagen koers in het oog te houden. Bovendien moet het beleidsplan zo “eigen” worden gemaakt, dat het heel gemakkelijk is om bijvoorbeeld jaarlijks wijzigingen en bijstellingen te realiseren.

3.Het beleidsplan dient te getuigen van een gelovig realisme.

Enerzijds betekent dit dat we niet teveel hooi op de vork moeten nemen (ongelovig optimisme), waarmee we de indruk kunnen wekken dat het erg gemakkelijk is om de gemeente tot groei en bloei te kunnen brengen. Anderzijds moeten we ons hoeden voor doemdenken (ongelovig pessimisme), omdat het dan niet ondenkbaar is dat de moed ons in de schoenen zinkt. (De gedachte dat de kerk gedoemd is te verdwijnen wordt dan als vanzelf tot realiteit verheven). De kerk is niet van mensen, maar van de Heer. Vanuit die basis dragen we de verantwoordelijkheid en mogen we meewerken aan de opbouw van de gemeente. Een opbouw die altijd doorgaat, zelfs als het aantal gemeenteleden getalsmatig afneemt. Vanuit die basis kijken we ook naar de eigen mogelijkheden en voor welke activiteiten we onze energie het beste kunnen gebruiken.

Het beleidsplan is een concrete invulling van taken die we ons als kerkelijke gemeente samen opleggen en die we ook samen willen uitvoeren. Het beleidsplan is het resultaat van de overdenking en bewustwording van wat kerkenraadsleden vanuit hun overtuiging en opdracht willen en moeten doen. Het beleidsplan verschaft overzicht en inzicht in de keuzes die gemotiveerd, weloverwogen en welbewust zijn gemaakt of nog gemaakt moeten worden gedurende de looptijd van het beleidsplan.

We gaan er vanuit dat de looptijd van het beleidsplan 4 jaar is en dat het overzichtelijk en in duidelijke taal wordt opgesteld om het beleid van de komende tijd uit te stippelen.

We hopen dat dit beleidsplan zal mogen dienen om onze gemeente evenwichtig te laten voortbestaan. Dat we met het beleidsplan vanuit onze Bron, de Heer Jezus Christus, aan het werk gaan in onze eigen wereld. Daarbij vertrouwende op de zegen van de Heer.

5.STRUCTUUR VAN DE GEMEENTE
Zoals in de inleiding omschreven omvat onze protestantse gemeente Zuiderkogge de dorpen Hem, Venhuizen, Oosterleek, Wijdenes en Schellinkhout. Bij de vorming van de protestantse gemeente zijn ook de leden van de oorspronkelijke Gereformeerde Kerk in Enkhuizen die binnen deze dorpen wonen overgegaan naar de protestantse gemeente Zuiderkogge.

We streven er naar om ambtsdragers te bevestigen, die uit de verschillende dorpen komen van waaruit de gemeente Zuiderkogge is opgebouwd. Dit met het doel om de kerkenraad in contact te houden met de basis. Iedere ambtsdrager is in de eigen omgeving aanspreekpunt.

Bij de overgang van de Hervormde Gemeente naar de Protestantse Gemeente Zuiderkogge zijn alle termijnen voor de zittingsperiode van kerkenraadsleden vernieuwd. Een deel van de kerkenraadsleden is op 1 januari 2009 benoemd voor 2 jaar, en een deel voor 4 jaar. Ieder oneven jaar treedt dus de helft van de kerkenraadsleden af, en kan, conform de kerkorde, gekozen worden voor een nieuwe termijn.

De kerkenraad vergadert in principe 8 ŕ 9 keer per jaar.

Begin 2014 is het kerkgebouw in Schellinkhout overgedragen aan een nieuwe eigenaar, welke het gebouw gaat restaureren en herbestemmen. Vanaf de start van de restauratie zullen er derhalve geen kerkdiensten meer in Schellinkhout plaatsvinden, en zal de zondagsdienst alleen in de kerk van Venhuizen gehouden worden. Wegens gebrek aan belangstelling zijn ook de vesperdiensten in de kerk in Schellinkhout per 1 januari 2014 gestopt.

6.PASTORAAT
De kerkorde geeft een nauwkeurige omschrijving van het dienstwerk van de ouderlingen:

Tot opbouw van de gemeente is aan de ouderlingen toevertrouwd:

· de zorg voor de gemeente als gemeenschap
· de ambtelijke vertegenwoordiging in de kerkdiensten
· het dragen van medeverantwoordelijkheid voor de bediening van Woord en sacramenten
· het toerusten van de gemeente tot het vervullen van haar pastorale en missionaire taak
· het dienen van de kerk in de meerdere vergaderingen samen met de predikant
· de herderlijke zorg, ondermeer door het bezoeken van leden van de gemeente
· het opzicht over de leden van de gemeente.


Evenals in de vorige periode wil het ouderlingenberaad hieruit een aantal punten tot haar speerpunten voor de komende jaren maken, t.w.: ‘de zorg voor de gemeente als gemeenschap’ en ‘de herderlijke zorg, ondermeer door het bezoeken van leden van de gemeente’ aan de ene kant; en ‘de ambtelijke vertegenwoordiging in de kerkdiensten’ en’ het dragen van medeverantwoordelijkheid voor de bediening van Woord en sacramenten’ aan de andere kant

De zorg voor de gemeente als gemeenschap en de herderlijke zorg, ondermeer door het bezoeken van leden van de gemeente

Als eerste taak is aan de ouderlingen de zorg voor de gemeente als gemeenschap toevertrouwd. Niet alleen het samenbrengen van de gemeente in de kerkdiensten, maar ook de simpele vragen als: ‘ hoe gaat het met jou’, de interesse naar de medemens staan hierin centraal.

Kortom het bezoekwerk is een wezenlijk onderdeel van het werk van de ouderling.

Dit onderdeel is in de huidige jachtige samenleving vaak van ondergeschikt belang geworden. Daar wil het ouderlingenberaad wijziging in gaan brengen.

Het ouderlingenberaad heeft het ‘groot huisbezoek’ weer nieuw leven ingeblazen. Over de jaren 2012-2013 en 2013-2014 zijn alle gemeenteleden benaderd om deel te nemen aan het groot huisbezoek. Het groot huisbezoek lijkt aan te slaan en het ouderlingen beraad wil ook in de komende jaren het groot huisbezoek als vorm van pastorale zorg voortzetten.

Daarnaast wil het ouderlingenberaad in het komend jaar ook het individueel bezoekwerk weer ter hand nemen. Hiertoe zullen begin volgend seizoen (2014-2015) de gemeenteleden individueel worden aangeschreven met de vraag of ze bezoek van de kerk op prijs stellen; zo ja van wie, predikant of ouderling/kerkenraadslid. Waarna ze hen die daar prijs op stellen deze aandacht ook zullen gaan krijgen.

Het ouderlingenberaad heeft echter aan haar kant ook te maken met een relatief kleine capaciteit dus zal er wellicht ook op andere kerkenraadsleden, zo zij willen en kunnen, af en toe een beroep moeten worden gedaan.

Alle nieuw-ingekomenen moeten in ieder geval worden bezocht. Het ouderlingenberaad zal dit laatste bezoekwerk moeten verbeteren.

Naast het bezoekwerk zijn er natuurlijk meer mogelijkheden om de gemeenteleden te ontmoeten. Zo is, door de predikant, inmiddels enkele jaren een filmproject georganiseerd in Venhuizen. Afgelopen jaar zijn ook filmavonden in Schellinkhout georganiseerd. Deze avonden voorzien in een behoefte en zijn een ideale mogelijkheid om naast de ontmoeting met de eigen gemeenteleden, de gemeente een gezicht naar de samenleving te geven.

Voor de komende jaren staat voortzetting van beide projecten op de rol.

Tevens willen het ouderlingen beraad het komend seizoen een onderzoek doen naar de gemeente m.b.v. het programma ‘de gezonde gemeente’. Bedoeld als bezinning en zeker ook als revitalisering van de gemeente.

Hiertoe zal een klein budget moeten worden vrijgemaakt.

De ambtelijke vertegenwoordiging in de kerkdiensten en het dragen van medeverantwoordelijkheid voor de bediening van Woord en sacramenten

Dat de ouderlingen medeverantwoordelijkheid dragen voor de bediening van Woord en sacramenten komt allereerst tot uitdrukking in de ambtelijke vertegenwoordiging in de kerkdiensten van de gemeente. Dit wordt vooral zichtbaar in de handdruk die de ouderling van dienst de voorganger geeft aan het begin en einde van de kerkdienst. Maar minstens zo belangrijk is dat er in de kerkenraad ook aandacht wordt geschonken aan de inhoudelijke bezinning op de verkondiging en de sacramentsbediening.

Waar begint de medeverantwoordelijkheid, en waar stopt deze.

Het afgelopen seizoen, 2013-2014, hebben de ouderlingen zich over deze vraag gebogen, samen met de gemeenteadviseur Burret Olde. Het ouderlingenberaad is hier nog niet uit en wil het komend seizoen hiermee doorgaan. Wel is duidelijk geworden dat het ouderlingen beraad, in samenwerking met de predikant, wil zoeken naar gewijzigde/andere vormen van liturgie.

Dit onderdeel van de taak van de ouderlingen wordt makkelijk vergeten maar is een wezenlijk onderdeel van hun taak.

7.KERKRENTMEESTERS
De primaire taak van de ouderling-kerkrentmeesters is ervoor zorgen dat het ‘huishoudboekje’ van de gemeente op orde is. Concreet betekent dit dat ernaar gestreefd moet worden dat de inkomsten (vrijwillige bijdragen, collecten, opbrengst landerijen en opbrengst kerkverhuur, etc.) in evenwicht zijn met de uitgaven (kosten predikantsplaats, onderhoud gebouwen, gas-, licht- en water, etc.). De kerkrentmeesters worden daarbij geholpen door een nieuwe administratrice, mevr. Griffin-Holmes, en een nieuw administratiekantoor, Fa. RAK Haakma in Benningbroek.

1.Bijdragen

De inkomsten uit vrijwillige bijdragen vertonen al vele jaren een teruglopende trend. De kerkrentmeesters streven ernaar deze trend een halt toe te roepen, o.a. door een meer persoonlijke benadering van de gemeenteleden. Hiertoe is in 2013 een begin gemaakt door de verzending en verwerking van de bijdragen meer in eigen hand te nemen. In 2014 is daarbij ook de incasso in eigen hand genomen, en kan ook regelmatiger gerapporteerd worden..

2.Opbrengst land

Het beheer van de pacht en verhuur is nog steeds in handen van het CNB (dhr. Van der Geer) die daarmee uitstekend werk verricht. De jaarlijkse opbrengsten uit de verpachting en verhuur van de landerijen van de kerkvoogdij vertonen al vele jaren een schommelend beeld. En dit zal ook de komende jaren wel zo blijven. Evenals de diaconie heeft het college van kerkrentmeesters zich uitgesproken tegen de verkoop van land. Alleen wanneer een minimaal vergelijkbaar stuk land teruggekocht kan worden tegen voor de kerkrentmeesters voordeliger voorwaarden, kan aan een landruil meegewerkt worden. Omdat ‘losse’ verhuur van land substantieel meer opbrengt dan langdurige pacht heeft het college de intentie om in de komende jaren vrijvallende pachtcontracten niet meer automatisch te verlengen, maar in overleg met beheerder en pachter om te zetten in kortlopende huurcontracten.

3. Opbrengst verhuur kerkgebouw

Na de brand van de kerk in 2003 en de ingebruikname van de herbouwde kerk in 2005 is een nieuwe start gemaakt met het verhuren van het kerkgebouw in Venhuizen. Helaas is gebleken dat het niet eenvoudig is een substantiële bijdrage te genereren uit de verhuur. Inmiddels zijn er een aantal regelmatige huurders zoals Ceu da Santa Maria, het COS Drechterland, en wordt de kerk incidenteel verhuurd voor koor- en CD opnames. In 2014 is daarbij het gebruik als stemlokaal voor de verkiezingen bijgekomen. Het ‘Middelkoop’ orgel (eigenlijk een ‘Pels en van Leeuwen’ orgel) mag zich in een toenemende belangstelling verheugen. De door Zingenenzo georganiseerde orgelconcerten worden steeds beter bezocht, en de organisten blijven onveranderd zeer te spreken over het orgel, en komen graag terug. Ook wordt het orgel regelmatig gebruikt voor CD opnames. De verstandhouding met de vaste huurder, de culturele vereniging De Triangel is verbeterd en in de komende jaren zullen verschillende activiteiten gezamenlijk uitgevoerd gaan worden. Goed voorbeeld daarvan was de succesvolle organisatie van de nieuwjaarsreceptie van de burgerlijke gemeente Drechterland in 2011

4.Predikantsplaats
In 2008 is Ds. Janssen met emeritaat gegaan waardoor ook een oude regeling ophield te bestaan waarbij onze gemeente een bijdrage in de predikantskosten ontving van een van de vroegere streekgemeenten. In de aanloop naar de benoeming van een nieuwe predikant is met het RCBB de financiële positie van de Gemeente Zuiderkogge bekeken en zijn we tot de conclusie gekomen dat een 100% predikantsplaats niet meer haalbaar is. Afgesproken is toen een nieuwe predikant voor maximaal 50% te benoemen. In juni 2009 is Ds. Camarasa in onze gemeente gestart in een 0,5 functie. Daarnaast is met hem afgesproken dat hij ca. 10 maal extra in onze gemeente voorgaat, onder de gebruikelijke condities voor gastpredikanten. Wanneer de gemeente wederom vacant raakt zal opnieuw de financiering van de predikantsplaats besproken moeten worden, waarbij het streven van de kerkrentmeesters zal zijn om minimaal de 50-procents aanstelling te behouden. In een eerder beleidsplan is de zorg uitgesproken dat de bijdrage van de diaconie aan de kosten voor de predikantsplaats gestopt zou moeten worden. Gelukkig is hier door de landelijke tot nu toe geen gevolg aan gegeven.

5.Het onderhoud van het kerkgebouw
De situatie rond de kerkgebouwen is begin 2014 drastisch veranderd. Zoals in het vorige beleidsplan al aangekondigd heeft per 15 januari 2014 de maatschappij BOEi het kerkgebouw in Schellinkhout overgenomen. Met behulp van Gemeentelijke en Provinciale subsidie, en met een substantiële (achtergestelde) lening van het college van kerkrentmeesters (als vergoeding voor achterstallig onderhoud) zal BOEi het kerkgebouw in de komende jaren gaan restaureren en een nieuwe bestemming geven. Op termijn zal het dan wellicht weer mogelijk worden in deze kerk diensten te houden, waarvoor dan met BOEi een redelijke huurprijs afgesproken zal worden.

Met het afstoten van de Martinuskerk in Schellinkhout is voor onze kleine gemeente een enorme onderhouds- en gebruikslast komen te vervallen. De schaarse middelen van onze kleine gemeente zullen vanaf nu slechts voor het onderhoud van de Hervormde Kerk in Venhuizen ingezet worden. Voor het kleinere onderhoud (goten, leien) is voor deze kerk een subsidie verleend. Oorspronkelijk een BROM lening met een looptijd tot 2014, welke in 2013 omgezet is in een BRIM regeling tot 2019. Deze regeling dekt maximaal 50% van de jaarlijkse kosten, tot ca. € 2500. Het door Monumentenwacht begin 2014 uitgebrachte inspectierapport geeft een aantal dringend uit te voeren werkzaamheden aan waaraan in 2014 en 2015 aandacht besteed moet worden (verfwerk, metselwerk, vochtinslag).

6.Het college van kerkrentmeesters
Na enkele jaren slechts uit 2 personen te hebben bestaan is begin 2013 dhr. Terpstra toegetreden tot het college van kerkrentmeesters. Maar omdat in de komende beleidsperiode de twee langst dienstdoende kerkvoogden aftreden, zal er voortvarend naar versterking gezocht moeten worden.

8.DIACONAAT
In ordinantie 3 artikel 11 wordt het diaconaat als volgt omschreven:

De gemeente, in al haar leden geroepen tot de dienst der Barmhartigheid, beantwoordt, onder leiding of door de arbeid van diakenen, aan deze roeping in het diaconaat.

In begrijpelijke taal komt het hierop neer dat Diaconaat het geven om elkaar betekent.

Er zijn momenteel 3 diakenen, die het beleid volgens onderstaand schema willen inrichten:

A. DIACONAAL WERK IN DE GEMEENTE VOOR KERKMENSEN          beleid

2. Kerstattentie voor ouderen en asielmigranten (oecumenisch) rondbrengen + financieren       voortzetten

3. Bloemen uit de dienst financieren en wegbrengen       voortzetten

4. Financiële bijdrage aan minima in de gemeente.      voortzetten

Met ingang van 1-1-2008 deelname aan Stimuleringsfonds      voortzeten

5. Autodienst regelen voortzetten

6. Kerkblad      voortzetten

Financiering samen met kerkrentmeesters

Rondbrengen (door kerkenraadsleden + gemeenteleden)

7. Zorg voor het Heilig Avondmaal       voortzetten

8. Bezoeken van jarige gemeenteleden vanaf 2013 oplopend tot 75 jaar. In 2017 dus vanaf 75 jaar. In samenwerking met een groep vrijwilligers       voortzetten

9. Kerstboom regelen en financieren      voortzetten

B. DIACONAAL WERK IN DE GEMEENTE VOOR IEDEREEN      beleid

1. Soos voor ouderen financieren      voortzetten

2. Open jeugdwerk stimuleren en financieren (bijvoorbeeld jeugdkerk)      voortzetten

3. Film in de kroeg financieren en onder de aandacht brengen bij inwoners.

C. REGIONALE EN LANDELIJKE DIACONALE ACTIVITEITEN      beleid

1. Financiering deelname kerkelijke groepen indien van toepassing      voortzetten

2. Financiering vakantieweek gehandicapten (bezoek Roosevelt-huis)       voortzetten

D. MONDIALE DIACONALE ACTIVITEITEN       beleid

1. ZWO – commissie (actieve deelname)       n.v.t.

2.Financiering ZWO – activiteiten uit rente + collecten      voortzetten

E. FINANCIËLE ACTIVITEITEN       beleid

1. Jaarlijks opstellen van collecteplan door administratief diaken       voortzetten

2. Begroting (overleg, opstellen en insturen naar het regionaal college voor de behandeling van beheerszaken, RCBB)        voortzetten

3. Geldwerving en beheer van het diaconale bezit       voortzetten

Doel van het financieel beheer is het genereren van maximale opbrengsten om diaconale projecten zoveel mogelijk te kunnen steunen, waarbij de christelijke werkwijze voorop staat.

De baten van de onbebouwde eigendommen en de rente van diaconale tegoeden worden gebruikt om aan de terugkerende vaste lasten te kunnen voldoen.

4. Bijdragen beleid       voortzetten

Vaste bijdragen volgens jaarplan (begroting)

Losse bijdragen na overleg in de diaconie

Volgen van bijdragen advies PKN

Bijdragen aan instandhouding predikantsplaats

5. Administratie      voortzetten

De administratie van het lopend jaar wordt door de administrerend diaken gevoerd.

De administratie van het landbeheer wordt door de KKG gedaan. Het college van Diakenen is tegen verkoop landerijen. We zijn echter wel van mening dat landruil een optie kan zijn, mits de Diaconie hier beter van wordt.

De jaarrekening inclusief resultaten landbeheer wordt door de administrerend diaken opgesteld.

Het controle rapport voor de jaarrekening wordt vervolgens door een accountant gemaakt.

9. TEN SLOTTE Het moderamen stelt voor om dit beleidsplan ieder jaar te actualiseren, waarbij de looptijd van het beleidsplan steeds weer met 1 jaar wordt verlengd. Hierdoor ontstaat ieder jaar een bijgewerkt beleidsplan voor de komende 5 jaar en komen we nooit meer in de situatie dat de geldigheid van het beleidsplan verloopt.

Goedgekeurd in de kerkenraad van 16 juni 2014

      Voorzitter: Dhr. H. Burg

       Scriba: Dhr. C.J. Kraal.